Gearchiveerd: OG – Hoevelaken 2

This content has been archived. It may no longer be relevant

Wij spelen tegen een jonge ploeg. Het is bemoedigend te ervaren dat jonge mensen zo geïnteresseerd zijn in dit boeiende spel van Caïssa. Voor een aantal mensen wordt zij de beschermgodin van het schaakspel genoemd.  Wim speelt aan het eerste bord. Wim meldt het volgende: “Al vrij snel na de opening werden vrijwel alle stukken geruild inclusief de dames. Het resulteerde in een eindspel waarbij wit een structureel voordeel had. Ik meende dat ik er met zwart het verstandigst aan deed om ook de laatste toren te ruilen, maar dat was een cruciale inschattingsfout. Want zonder de laatste toren op het bord kreeg wit een beslissende pionnenmeerderheid op damevleugel terwijl de zwarte meerderheid op de koningsvleugel immobiel was vanwege een dubbelpion. En dat pionneneindspel was verloren, wat de witspeler haarfijn aantoonde”.

Hans speelde afgelopen donderdag met wit. Zijn tegenspeler was 1 van de 3 leden van een schaakfamilie, die samen driekwart van het tweede team vormde. Hij speelde Siciliaans en de strijd ging gelijk op. Tot hij een foutje maakte en zijn toren tegen een loper moest inruilen. Daarna ontstond een stelling waarbij wit de druk gaandeweg kon opvoeren en deze keer glorieerde hij niet.

Ernst speelde aan bord vier met wit tegen de zus van de tegenstander van Hans en meldt het volgende: “We openden met e4 en e5 en vervolgens f4. Mijn tegenstandster ging niet in op mijn poging het Koningsgambiet te spelen en zette d6.  Zwart ontwikkelde haar stukken goed en speelde verre van defensief zodat ik goed moest uitkijken.  De zwarte Loper, sterk geposteerd op b6, vormde een vervelende bedreiging van alles wat ik na rochade op de velden en  f2 en g1 had staan en nog wilde neerzetten. Maar mijn pogingen om het centrum “dicht te metselen” hadden na wat benepen geschuif uiteindelijk succes, zodat de dreiging van de zwarte Loper geëlimineerd werd. Daardoor kon ik mijn g,-, en h-pionnen opschuiven en de aanval op de eveneens kort gerocheerde zwarte Koning inzetten. Ik had gezien dat ik na een combinatie van een zet of drie met mijn Loper zowel een Toren als een niet gedekt Paard kon aanvallen. Mijn tegenstandster koos voor verlies van het stuk in plaats van het verlies van de kwaliteit. Daardoor kon ze met twee Torens en haar Dame mijn inmiddels behoorlijk blootstaande Koning bedreigen. Mijn verweer was het inzetten van een mataanval die ze aanvankelijk goed pareerde. Uiteindelijk gaf toch het voordeel van een Loper meer de doorslag. Mijn tegenstandster zou mat gaan of een Toren verliezen en gaf op. Een allerminst saaie partij waarbij Zwart zich niet liet intimideren. In tegendeel”.

Gerrit speelde aan het derde bord tegen de jongste zus uit deze familie met zwart. Zonder enige schroom had zij vanaf zet één de aanval ingezet. Uit haar spel bleek overduidelijk dat openingen niet haar sterkste zijde waren. Na wat prikacties van haar kant kon ik toch vooral aan de dame vleugel mijn omtrekkende bewegingen rond het centrum maken. We kwamen in een interessant middenspel terecht waar ik deksels goed moest oppassen voor allerlei trucs waar jonge spelers zich zo op focussen. Uiteindelijk kon ik door consequent te spelen twee pionnen verorberen. Mijn beide lopers namen een centrale positie in. Door een foute inschatting van haar kant kon ik met mijn beide lopers haar plots mat zetten.

Al met al een leerzame en mooie avond.

Bad Behavior has blocked 270 access attempts in the last 7 days.

Ons Genoegen